Maak de zinnen kloppend door het juiste werkwoord toe te passen. Staat er geen duidelijke tijd in is het de tegenwoordige tijd! Controleer dit bij mij voor de code!
-
De auto (rijden) ........ niet meer heel goed.
-
Gisteren (spelen) ........ wij een spannende wedstrijd.
-
Mijn zus (maken) ........ vroeger haar huiswerk altijd in de avond.
-
Vorige week (vallen) ........ hij van zijn fiets.
-
Wij (kijken) ........ elke avond naar het Jeugdjournaal.
-
Lucas en ik (vinden) ........ dat boek altijd erg leuk toen we nog in groep 1 zaten.
-
Zij (nemen) ........ haar gymtas mee naar school.
-
Vorig jaar (zwemmen) ........ ik zonder zwembandjes.
-
De meester (geven) ........ ons gisteren extra uitleg.
-
Wij (leren) ........ deze week veel nieuwe woorden.